ik had een klein vraagje ivm een vraag over warmtecapaciteit uit het examen van juli 2008.
Er werd gevraagd naar de soortelijke warmtecapaciteit van de vloeistof en volgende gegevens waren gegeven :
een waterkoker van 790W waarmee het 3 minuten duurt om de vloeistof op te warmen van 20°C naar 90°C. de massa van de vloeistof is 1kg.
Nu vroeg ik mij af is het Q=Qvloeistof of is het Q= Qvloeistof + Qwaterkoker ?
Q heb ik berekend uit het vermogen en uit Q vloeistof haal ik dus de soortelijke warmtecapaciteit, maar ik weet nu niet of je Q waterkoker erbij moet tellen?
hopelijk weet iemand een antwoord hierop.. groetjes!