Zoals jullie allemaal al weten zijn er vaak discussies over correcte antwoorden onderling. Maar ook de bundels van Leuven en de antwoorden bij de vragen arts-patient situaties hier spreken elkaar tegen... Kunnen jullie verduidelijken? ook sitebeheer misschien?
- Een 35jarige leraar wiskunde komt op jou spreekuur met een flinke verkoudheid. Je schrijft hem neusdruppels en een hoestfles voor. Hij wil geen werkverlet en vraagt voor antibiotica.
antwoord leuven: Je legt uit wat de schadelijke gevolgen van onoordeelkundig antibioticagebruik zijn.
Antwoord hier : Je legt uit dat antibiotica niet nodig zijn en geeft dan ook geen voorschrift.
- Een jonge moeder komt op consultatie met haar 6jarig zoontje voor een vaccinatie . het begint te wenen als hij het spuitje ziet, wat doe je?
antwoord leuven: Je vraagt aan de moeder het kind te kalmeren ( antwoord vn hier zou te lang duren..)
antwoord hier: je zegt dat hij niet bang moet zijn
- Je bent op huisbezoek in het rusthuis bij mevrouw Thomas, een chronische patient die het thans goed maakt. Als de telefoon gaat. het is een jonge vrouw die zeer in paniek is omdat ze denkt dat haar zoontje koortsstuipen heeft en bewusteloos is, hoe reageeer je?
antwoord leuven: je werkt het bezoek aan mevrouw thomas af en gaat naar het jongetje (hun redenering is dat het niet lang moet duren)
antwoord hier: je vertrekt onmiddelijk
- Een vrouw heeft kanker. Ze was al jaren een fervent rookster. ZE is heel emotioneel door het feit dat ze haar kinderen zal moeten achterlaten en geeft zichzelf nu de schuld van de kanker. Hoe reageer je?
Antwoord Leuven: Mevrouw, ik begrijp dat het heel pijnllijk is...
Antwoord hier: het is best dat u zich focust op het genezinsproces
- Er komt een jongetje met zijn moeder bij jou(tandarts) op consultatie. Je zegt hem dat hij zijn tanden meer moet poetsen. Hierop zegt het jongetje dat hij dat niet van zijn moeder moet. Hoe reageer jij?
antwoord leuven: Je wijst de jongen op het belang van tandhygiene en vraagt de moeder haar kind daarbij te steunen.
Antwoord hier: Je zult u tanden toch moeten poetsen